Zie naar jou om

Ron van Es is psychosyntheticus en founder van School for Purpose Leadership. Ook maakte hij korte films met zorgprofessionals en mantelzorgers.

In deze gedichtenbundel beschrijft hij de kwetsbaarheid van ons mensen. De zorg die we nodig hebben, de zorg die we geven. Het maakt ons zo bewust van ons eigen fragiele bestaan. Maar geeft ons ook de kans om te ontmoeten, te ontdekken, te zien. Ook naar onszelf. Zie naar jou om.

Ron geeft n.a.v. de bundel lezingen en workshops.

Hanneke Vleugel is beeldend kunstenaar. Zij noemt deze schilderijen 'mensbeelden' en over de schilderijen in deze bundel zegt zij: ‘Er was een periode in mijn leven, dat ik heel dicht bij mijn broer was. Hij werd ernstig ziek en stierf. In deze periode zijn deze werken ontstaan.'

Naast de gedichtenbundel organiseren zij een reizende tentoonstelling met digitale prints van de schilderijen (30x30 cm) en enkele gedichten op posterformaat. 

Helaas moeten we die tentoonstellingen nu uitstellen, maar ze gaan op een later tijdstip wel door.

Niet alleen
 
Ik droomde dat ik zweefde 
en boven mijzelf uitvloog 
en daar in de ijle lucht jouw 
gezicht weer terugvond. 
 
Ik dacht dat ik daar boven was - 
dat tegelijk ook onder en overal - 
jouw aanwezigheid in mij liet zien 
en dat nooit meer ver weg was. 
 
Ik vond jou daar en hier terug 
en liet mijn innerlijke wonden zien, 
het verband van mijn verleden 
en de handicaps van mijn bestaan. 
 
Ik sprak over mijn littekens 
en gekerfd bestaan tegen jou. 
Hoorde je enkel liefde bezweren 
en wist dat je altijd naast me gaat. 
 
Het is goed, het is goed, 
het is wat ik luisteren kon: 
niet alleen. 

Zie om
 
Heb erbarmen omarm mij in mijn lijden. 
 
Kruis je armen, vang mij op in de tranen, wieg mij in de golven van mijn bestaan. 
 
Laat mij niet gaan, maar vertrouw mij toe. 
 
Leg mijn lichaam naast het jouwe en behoed mijn hoofd van eindeloos en oeverloos tollen. 
 
Zie mijn aangezicht, de twijfelblik, 
de dode ogen die al vertrokken zijn naar het ginder. 
 
Hou me vast trek het touw strakker van de boot die van de kant wil verdwijnen. 
 
Zoek mij op onderweg als ik weer verdwalen ga. 
 
Laat het licht nog aan voor de reis naar huis, wees mij nabij, zorg voor mij, zie om naar jou. 

Het is zover
 
Ik leg mijn handen om je mond, 
mijn haren - heel even - op je schouder en glimlach, 
denk aan daar en toen. 
 
Ik leg mijn mantel om je heen en beloof dat ik voor je zorg en frons, want denk aan daar en toen. 
 
Ik leg mijn handen om die van jou 
en leid je langs bed en deur 
en besef, en denk aan daar en toen. 
 
Ik leg een hand op mijn mond 
en kus je op afstand gedag 
en weet, dit is hier en nu. 

Afhankelijk
 
‘Ik word ik in het aangezicht van de ander’ is een uitspraak van de filosoof Emmanuel Levinas. Dat betekent dat er nooit sprake is van een ‘ik’ als er niet een ander in de buurt is, gezien wordt. We hebben het aangezicht van een ander nodig om zelf een ‘ik’ te worden. Om ons zelf te ontdekken, om die ‘ik’ bij ons te zien, moeten we de ontmoeting met de ‘ander’ aangaan. Dat betekent dat we afhankelijk zijn van de ‘ander’ om te ontdekken, te groeien als mens, onze talenten te zien, mens te worden. Een veel gebruikt woord is verbinding. We moeten in verbinding zijn, zeggen we dan. Op kantoor, op het werk, in ons leven. In verbinding zijn. Maar ik zeg je, het is niet alleen in verbinding zijn - we zijn afhankelijk van de ander. In die afhankelijkheid leren we pas wie we zelf zijn. De grote vraag is dan ook: wil ik afhankelijk van jou zijn?  
 

Kom binnen
 
Ga zitten op een stoel nee kom eerst binnen wacht aanbellen bel aan 
klop dan op de deur doe je jas dicht het waait een ijskoude storm buiten vertel het nieuws langzaam wees zuinig met woorden frommel met je vingers kijk veel naar buiten bel aan doe de deur dicht zet de stoel in de hoek hang je jas maar ergens klop op het hout van de tafel wacht op de boodschap voel het natte zweet in je nek wat sta je buiten te staan kom toch binnen ga zitten voel die wind langs je oren luister naar harde woorden. 
 
U bent ongeneeslijk ziek meneer. 
We weten niet hoelang mevrouw. 
 
De wind waait maar koud om het hart kom binnen neem een stoel knoop je jas stevig dicht want buiten nee binnen is het koud en dood.  

Gemiddeld
 
Ik ben niet gemiddeld meer dan jij. Niet gemiddeld beter of zieker. 
Niet gemiddeld langer levend. 
Of gemiddeld beter bestand tegen. 
 
Ik ben niet gemiddeld gelukkiger. 
Niet gemiddeld zorgelijker of zorgzamer. 
Niet gemiddeld stervende of dood. 
Of gemiddeld het lot ontwijkend. 
 
Ik ben net als jij afhankelijk van grillen en geloof van taal en teken van tijd en verstreken. 
 
Ik ben net als jij en iedereen, gemiddeld mens en hoop net als jij dat de liefde mij zal dragen tot mijn eind. 

Kom
 
Kom, ik laat het je zien,  het witte bed,  de schone lakens,  het raam met al dat daglicht,  en ja, dat ietwat onbeholpen schilderij aan de muur.  
 
Kom, ik neem je mee naar nu die stille kamer. Met de dode bloemen,  achtergelaten.  De schoongeboende vloer,  de lege stoel. Het gordijn dat om het bed getrokken wordt.  
 
Ik laat het je zien, hier ligt een mens,  tussen hoop en vrezen, met een eigen verhaal.  
 
Kun je het zien, de verwarring, de vragen, soms die wanhoop?  
 
Hier in dit bed, met het raam, de muren waar de geluiden van andere mensen nog hoorbaar zijn. Hier lig jij, hier lig ik.  
 
Kom ik laat je nu alles zien. Voor ooit, nu, een andere keer. Nu ik, maar voor als jij. 

Speel nabijheid
 
Vannacht droomde ik. Ik was regisseur van een nog te maken voorstelling en alle acteurs zaten - al in hun toneelkleding - op een rij in het repetitielokaal. We spraken over mijn ideeën over de voorstelling en toen was daar het moment om te beginnen met de repetitie. Maar hoe te beginnen, waar te beginnen? Ik wist het niet. Toen zat daar opeens een andere heel bekende regisseur naast me, die mijn begeleider bleek te zijn bij deze voorstelling. Hij zag mijn aarzelingen en vroeg of hij een voorstel mocht doen naar de acteurs. ‘Ja, natuurlijk’, zei ik met een grote opluchting. Deze heel bekende regisseur richtte zich toen naar de acteurs en zei: ‘Speel nabijheid.’  
 
Verbluft werd ik wakker. ‘Speel nabijheid’, wat prachtig dacht ik, nog half slapend. ‘Speel nabijheid’. Wat een prachtige opdracht om te spelen. In het dagelijks leven zouden we wat verbijsterd om ons heen kijken, of de makkelijke weg van de weerstand zoeken. Bespottelijke opdracht zouden we roepen. Speel nabijheid. Nabijheid.
 

Als de tijd een andere wordt
 
In de schemering waar schaduwen langer worden laat ik jou alleen en kan niet mee. 
 
Daar waar de zon moeilijk komt en herinnering stuk slaat op het alom aanwezig vergeten. 
 
Ergens nemen wij afscheid tussen een groet en een kus en zien wij elkaar niet meer. 
 
Ik was kind en word nu ouder, jij was die ouder en nu het kind, alle tijd wordt nu een andere. 
 
Voor je echt gaat nog die handdruk die blik in onze ogen, de veeg over een wang. 
 
Het grote afdalen is nu begonnen. 

Cirkel
 
Ik teken een cirkel van wit krijt om mij heen en stap de cirkel in. 
 
Hier is mijn wereld en kun je me vinden in een witte cirkel. 
 
De cirkel is mijn bed mijn huis, mijn lichaam. De cirkel is mijn hoofd mijn haven, mijn behoud. 
 
In de witte cirkel voel ik mij ziek noch heel. In mijn cirkel ben ik 
wie ik zijn zal. 
 
Ik teken een cirkel van wit krijt om mij heen en stap de cirkel in. 
 
En af en toe maak ik plaats open ik mijn cirkel en laat je binnen. 

Minder
 
Misschien ben ik wel stiller 
geworden. 
 
Minder woorden en minder 
verhalen die teveel willen uitleggen. 
 
Misschien ben ik wel banger 
om dat wat kan en niet kan. 
Minder stoerheid en minder 
hoop ook soms. 
 
Misschien ben ik wel minder geworden. 
Minder aanwezig en minder meer. 
 
Maar in dat minder minder blijft het meer van liefde dat zonder woorden meer en meerder wordt. 

Compassie
 
Ik weet niet wie je bent. Ja, ik ken je naam, je dossiernummer, je klacht. Maar ik weet niet wie je bent. Ja, ik ken je adres, je sofinummer, je verzekeraar. Maar ik weet niet wie je bent. Ik ken je niet. Ik ken je verleden niet, ik ken je familie niet. Ik ken je gewoonten niet, ik ken je fratsen niet. Ik ken je werk niet, ik ken je talenten niet. Ja, je staat hier voor me, je ligt in dit bed, maar ik ken je niet. Ik ken je angsten niet, ik ken al je hoop niet. Ik ken je verlangen niet, ik ken je eenzaamheid niet. Ik weet niet wat je wilt. Ik weet niet waar je vandaan komt. Ja, ik ken je algemene ziektebeeld, je mogelijkheden statistisch om te genezen. Of niet. Maar ik ken je niet. 
 
Mens. Mede-mens. 

De gedichtenbundel 'Zie naar jou om' is overal bij alle online boekhandelaren verkrijgbaar. Wij zelf geven de voorkeur aan YouBeDo. Bij de aankoop kun je dan een deel doneren aan een goed doel.